Een avontuurlijke groep mensen trok in het verre Tibet de Himalaya in om op grote hoogte een nieuw leven op te bouwen. De mensen in het laaggebied verklaarden hen voor gek – de bergen waren prachtige jachtgebieden, maar om daar nu te gaan leven, dat was een ander verhaal.
De groep was echter vastbesloten en ging op weg. De reis was zwaar en zonder uitzondering raakte iedereen buiten adem. Op deze hoogte was de lucht een stuk ijler. De harten sloegen sneller, het zweet stroomde van de vertrokken gezichten. Ondanks het doorzettingsvermogen en broederschap van alle deelnemers, moesten sommigen terugkeren naar lagere gebieden.

